Gepubliceerd op 10 mei 2011

Doorsneepremie onrechtvaardig?

In het televisieprogramma Radar van 9 mei jl, werd uitgebreid aandacht besteed aan de doorsneepremie. De doorsneepremie is een berekeningsmethode die voor verplichtgestelde bedrijfstakpensioenfondsen wettelijk is voorgeschreven voor het bepalen van de hoogte van de pemie voor de deelnemer. Het belangrijkste uitgangspunt is dat voor iedere deelnemer een zelfde percentage van de pensioengrondslag wordt betaald. De pensioengrondslag is het deel van het salaris waarover pensioen bij het fonds wordt opgebouwd.

In de uitzending werd gezegd dat deze vorm van premieberekening een nadelig effect heeft op de pensioenuitkomst voor de lagere inkomens ten gunste van die voor de hogere inkomens. Dit verschijnsel kan zich in de praktijk voordoen. Uitgangspunt in het solidariteitsbeginsel is dat er verschuivingen optreden van de ene groep naar de andere. In het algemeen gaat dit om verschuivingen van meer draagkrachtig naar minder daadkrachtig, maar ook het omgekeerde is mogelijk. Bij PMT komen de salarissen van de deelnemers echter redelijk met elkaar overeen. 81% van de actieve deelnemers verdient een gemiddeld modaal salaris, 1,1% van de deelnemers verdient een salaris dat hoger is dan 80.000 euro.

De solidariteit in de premieberekening voor pensioen gaat beduidend verder dan alleen het nu door Radar uitgelichte aspect. De voordelen van de solidariteit in de doorsneepremie zijn voor de deelnemer, wat betreft uitvoerbaarheid van de pensioenregeling en de uitvoeringskosten, beduidend groter dan de nadelen. Dit neemt niet weg dat ook de hier bedoelde verschuiving een serieus punt van aandacht is bij de totstandkoming van het nieuwe landelijke pensioenakkoord.